Mindset, hoogbegaafdheid en zelfbeeld

Ik kan dat gewoon niet!

Mindset

Er wordt momenteel veel gesproken over mindset. Een vaste mindset, een groeimindset, het zijn termen die je op dit moment vaker voorbij ziet en hoort komen. Maar wat wordt hier nu eigenlijk echt mee bedoeld? En nog belangrijker: wat kun je ermee? Daar gaat dit artikel over.

Er is veel onderzoek gedaan naar de mindset van mensen. Mindset is de manier waarop je denkt en tegen het leven aankijkt. Carol Dweck heeft met haar onderzoeken een grote rol gespeeld in het meer inzicht krijgen in mindset. Zij benoemt dat er twee vormen van mindset zijn, twee manieren van tegen het leven aankijken: een growth (groei) mindset en een fixed (vaste) mindset.

 

Vaste mindset versus groei mindset

Iemand met een vaste mindset denkt dat zijn talenten en intelligentie vaststaan. Hij is er dan ook op uit om bevestiging te vinden van zijn eigen intelligentie en talent. Wanneer hij ziet dat anderen succesvol zijn dan voelt dit bedreigend voor hem; het dwingt hem om beter te zijn. Ergens moeite voor doen, bijvoorbeeld om iets nieuws te leren, voelt simpelweg niet goed omdat hij denkt dat wat hij niet kan, dus gewoon niet voor hem is weggelegd. Je zult de hoogbegaafde dan ook kunnen horen zeggen: “Ik kan dat gewoon niet!” Een vaste mindset en vooruitgang in de ontwikkeling gaan dan ook vaak niet goed samen.

Iemand met een groeimindset ziet zijn intelligentie en talenten als “work in progress”. Het is niet af, het is in ontwikkeling. En iets wat misschien nu nog een minder sterke vaardigheid is, kan later juist een sterke vaardigheid worden. De hoogbegaafde gaat uitdagingen dan dus ook graag aan, want zij zullen hem sterker en beter maken. Het zijn manieren om zich te ontwikkelen. Fouten worden dan ook ervaren als manieren om te leren en zorgen ervoor dat de hoogbegaafde doorzet. Hij gelooft dat hij kan groeien door oefening. Je zult de hoogbegaafde dan ook kunnen horen zeggen: “Ik heb dat nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan”. Een uitspraak die Pipi Langkous graag deed. Zij was een kind met een groeimindset!

 

Mindset en zelfbeeld

Er zijn volgens Carol Dweck twee vormen van mindset mogelijk, maar er is natuurlijk zelden tot nooit sprake van óf de ene mindset óf de andere. Mensen kunnen bijvoorbeeld in hun werk een groeimindset hebben en op het sociale vlak een vaste mindset. Of juist andersom. Hoe komt dit dan? Waar hangt dit mee samen? In onze praktijk is afgelopen jaren duidelijk zichtbaar geworden dat er een duidelijke samenhang van mindset is met het zelfbeeld. De kinderen, jongeren en volwassenen die ons bezoeken hebben vaak een laag zelfbeeld, wat in het algemeen als vreemd wordt ervaren. Hoe kun je nu hoogbegaafd zijn en een laag zelfbeeld hebben? Je bent dan toch juist overal erg goed in? Waarom dan dat lage zelfbeeld?

 

Hoogbegaafdheid en zelfbeeld

Het zelfbeeld wordt onder andere gevormd aan de hand van de manier waarop een kind reacties van zijn omgeving op zichzelf ervaart en internaliseert. Veel hoogbegaafde kinderen kunnen op jonge leeftijd veel dingen die andere leeftijdgenoten nog niet kunnen. Zij horen dan ook relatief vaak de volgende zinnen: “Zo, dat is knap dat je dat al kan”, “Jij bent slim, zeg”, “Jij bent de slimste van de groep” en meer zinnen die bevestigen dat zij bijzonder zijn doordat ze al veel meer weten of kunnen dan hun leeftijdgenoten. Hoogbegaafde kinderen zijn geneigd om de lat hoog te leggen voor zichzelf en de lat komt hierdoor al snel hoger te liggen dan ze nog kunnen halen. Daardoor voldoen ze al snel niet meer aan hun eigen ideaalbeeld, aan wie ze van zichzelf zouden moeten zijn. Dit is dan een laag zelfbeeld: denken dat je minder kan, weet, bent dan je zou moeten volgens jezelf. Dit blijft zich verder ontwikkelen als een hoogbegaafde niet leert wie hij of zij is.

Iemand met een laag zelfbeeld zal niet graag het risico lopen om fouten te maken. Hij wil het liefst zoveel mogelijk doen wat hij goed kan om te zorgen dat hij zijn zelfbeeld op kan krikken met dat wat hij allemaal goed kan. Het verschil tussen wat hij kan en wie hij is, wordt niet ervaren door deze personen. Ze zijn wat ze kunnen en dus is het belangrijk om alles goed te kunnen. En dat wat je misschien wel niet goed kan, ga je dus zeker niet proberen. Falen betekent namelijk bevestiging van dat lage zelfbeeld. Dus uitdagingen worden uit de weg gegaan, net zoals we dat bij de vaste mindset zien. Om dit verder te verduidelijken hier twee voorbeelden uit onze praktijk:

 

Sandra 40 jaar

Sandra merkt in haar basisschoolperiode dat ze ‘goed is in school’. Ze haalt hoge cijfers, is gedreven en werkt hard, ze geniet van het leren. In de laatste jaren van haar basisschoolperiode maakt ze meerdere kritische levenservaringen mee waaronder een echtscheiding van haar ouders en seksueel misbruik. Dit alles laat zijn sporen na bij Sandra en ze merkt dat het leren ineens lastiger gaat. Ze krijgt de stof simpelweg niet meer in haar hoofd en ze haalt in groep 8 haar eerste onvoldoende. Ze krijgt een VWO advies, maar besluit de HAVO te gaan doen omdat ze denkt dat dit beter past. Hier begint het eerste onderpresteren zichtbaar te worden. Ze durft geen risico meer te nemen en zet lager in dan haar eigen niveau. Dit patroon zet zich in haar leven steeds verder door. Ze zakt steeds verder af qua niveau en rondt uiteindelijk geen enkele opleiding af. Zodra ze tegen het gevoel aanloopt iets niet te kunnen gaat ze iets anders doen. Dit vertaalt zich naar een zeer diverse loopbaanontwikkeling, omdat ze enerzijds uitdaging nodig heeft maar anderzijds uitdaging vermijdt. Zij is als het ware in conflict met zichzelf. Als ze haar hoogbegaafdheid ontdekt op 38-jarige leeftijd heeft ze het idee dat ze haar talenten vergooid heeft. Ze ziet zichzelf als een opgever, iemand die alles een beetje doet en kan. In begeleiding leert ze met behulp van de UIL-methode echter steeds meer over zichzelf.

 

Kim 12 jaar

Kim is een meisje dat in haar leven al behoorlijk wat hulpverleners heeft gezien. Vanaf haar vijfde jaar wordt door de leerkracht aangegeven dat zij Kim niet kan ‘lezen’ en dat ze ziet dat er bij Kim niet uitkomt wat er volgens haar in zit. Ze doorloopt meerdere hulpverleningstrajecten waar uiteindelijk bij een GGZ-instelling de diagnose ontwikkelingsstoornis wordt gesteld, ze weten alleen niet welke.. Kim komt uiteindelijk bij onze praktijk terecht en hier blijkt ze in eerste instantie niet testbaar. Kim is faalangstig, wordt belemmerd door haar intense prikkelgevoeligheid en vertoont sterk aangepast gedrag. Zij laat eigenlijk alleen zien wat ze denkt dat de ander wil zien en kan niet meer bij wie ze nu eigenlijk zelf is. Enkel thuis durft zij zichzelf te zijn. Ze geeft zelf bij haar ouders aan dat ze niet zichzelf kan zijn buitenshuis omdat dan niemand haar leuk vindt. Na een periode van begeleiding wordt Kim onderzocht en wordt er hoogbegaafdheid vastgesteld. Kim vindt dit in eerste instantie helemaal niet fijn. Het verhoogt de verwachtingen en ze kan nu al niet voldoen aan alle verwachtingen. Kim leert in begeleiding langzaam inzicht te krijgen in wie zij zelf is en zij maakt de overstap naar voltijds hoogbegaafdenonderwijs. Stapje voor stapje wordt Kim steeds meer een beetje zichzelf, ook buitenshuis. Nu kan er gewerkt worden aan haar mindset. Kim vindt het namelijk in eerste instantie vreselijk dat ze nu moeilijker werk krijgt op school en dat ze niet alleen maar tienen en negens haalt. Zij is vast niet hoogbegaafd want anders haal je toch geen zes op een toets! Kim gaat aan de slag met de UIL-methode om op andere manieren naar zichzelf te kijken.  

uil methode mindset

Is een groeimindset mogelijk bij een negatief zelfbeeld?

Kun je iemand met een negatief zelfbeeld een groeimindset aanleren? In de praktijk blijkt al snel dat dit niet samengaat. Een hoogbegaafde heeft eerst een realistisch(er) of positiever zelfbeeld nodig om uitdaging aan te durven gaan. Dit is dan ook bijvoorbeeld een reden dat aangeboden verrijking door een kind kan worden afgewezen of iemand niet blij wordt van extra taken in zijn baan. Deze personen zijn juist blij met alleen datgene te doen dat ze al kunnen en willen helemaal geen verrijking of uitdaging. Stel je voor dat ze daar fouten in gaan maken! Er is dus meer nodig dan alleen leren wat een groei- of vaste mindset is. Iemand moet leren wie hij of zij zelf is, zichzelf begrijpen en omarmen en zal dan pas meer richting een groeimindset kunnen groeien.

 

Wat kun je doen?

Hoe doe je dit nu in de praktijk? Er zijn meerdere mindsetmethodes die aangeboden worden aan kinderen en volwassenen. Deze methodes zijn zeker goed om te leren wat een groeimindset en wat een vaste mindset is. Het is echter bij hoogbegaafde kinderen vanaf jonge leeftijd al duidelijk dat die vaste mindset ‘vast niet goed is’ en zij zullen daardoor sociaal wenselijk gaan antwoorden. Hierbij treedt er dus geen enkele verandering in hun mindset op. Zij worden zelfs nog bevestigd in hun vaste mindset! Het blijkt daarmee niet te werken om de ‘juiste mindset’ aan te leren of ‘hoe ze zouden moeten denken’ om bij de groeimindset te komen.

Om deze belangrijke reden werken we niet met het aanleren van een bepaalde mindset, maar leren we kinderen, jongeren en volwassenen hoe zij zelf op meerdere manieren naar een situatie kunnen kijken en er op die manier ‘anders’ over na te denken dan ze gewend zijn. Dit zet de weg open naar een authentieke ontwikkeling van die groeimindset. Bij volwassenen werkt dit op dezelfde manier. Zij zijn zich vaak prima bewust van wat ze zouden moeten denken en zij voelen het als falen als die gedachten toch niet hun gedachten worden.

 

UIL-methode voor een positiever zelfbeeld en groeimindset

Dankzij de kennis over hoogbegaafdheid in combinatie met de mindset hebben wij de UIL-methode ontwikkeld. Afgelopen jaren zijn er al veel kinderen, jongeren, ouders en volwassenen aan de slag gegaan met deze bijzondere techniek. Hiermee leren zij bijvoorbeeld hoe ze op meerdere manieren naar een situatie kunnen kijken en leren zo het verschil tussen gedachten, gevoelens en gedrag. Zij leren hoe ze anders kunnen denken en hoe ze dit kunnen vertalen naar wat ze kunnen doen. Aan de hand van een speciale techniek, wordt de hoogbegaafde zich ervan bewust dat het op meerdere manieren ergens tegenaan kan kijken. Hierdoor kan een probleem precies hetzelfde probleem blijven, maar wordt het wel anders beleefd en gevoeld. Bij het gebruiken van deze methode is het van belang om de stappen in de juiste volgorde te verwerken om effect te behalen. Zo werk je van het negatieve naar het positieve toe en komt de hoogbegaafde van daaruit tot actie, wat het uiteindelijke doel is. Het gaat bij de UIL-methode derhalve om een vorm van cognitieve gedragstherapie. Door het gevoel zelf te kunnen handelen en zelf iets daadwerkelijk te kunnen doen aan de situatie, zal iemand een sterkere interne locus of control gaan ervaren. De hoogbegaafde zal weer meer zijn leven in eigen handen nemen en hierdoor een sterker gevoel van zelfvertrouwen gaan ervaren.

De sterke interne locus of control is belangrijk bij faalangst, zoals in dit artikel over faalangst verduidelijkt wordt. De hoogbegaafden krijgen inzicht in wat ze denken, voelen en doen en zo ontstaat inzicht in zichzelf wat weer belangrijk is voor het zelfbeeld. Een belangrijk verschil met andere vormen van mindset-therapie of – training is echter dat er niet gekeken wordt naar ‘reëel of irreëel’, ‘goed of slecht’, ‘groei of vast’, maar dat er gekeken wordt naar wat je zelf kunt bedenken wat je ánders over deze situatie kunt denken; hierna wordt gekeken naar wat je zelf kunt doen aan je situatie. Hierdoor komt er een cyclus van denken op gang dat iemand bewust maakt van zijn eigen denken en doen.

Hoe ging het nu verder met Sandra en Kim?

 

Sandra:

Sandra leert in begeleiding wie zij is en vormt een realistisch zelfbeeld. Vanaf dat moment is zij niet meer bezig met bewijzen dat ze slim is, maar durft ze zich te gaan ontwikkelen. De UIL-methode helpt haar wanneer ze tegen haar grenzen aanloopt. Haar belangrijkste overtuiging is dat het leven nu eenmaal niet mee heeft gezeten voor haar en dat ze daarom is wie ze is. Deze overtuiging heeft ze uitgedaagd in de therapie. Is het echt zo dat je enkel bent wie je bent door je verleden? Heb je geen enkele invloed hierop? Dit bleek ook anders te kunnen zijn. Je kunt in het leven slechte kaarten krijgen, maar ook met een slechte hand kaarten kun je nog winnen. Het is wat je er zelf mee doet, is haar conclusie. Vanaf dat moment neemt ze zelf haar eigen leven in handen. Ze wil leren en duikt met al haar passie in haar nieuwe baan. Ze gaat hierbij een studie aan die ze eerder niet heeft aangedurfd. In het afgelopen jaar heeft ze taken uitgevoerd die ze nooit eerder zou hebben durven aangaan. Zo heeft ze presentaties gegeven voor groepen, heeft ze mensen getraind en voelt ze zich een volwaardig teamlid ondanks haar nog niet behaalde diploma. Haar huidige overtuiging is dat ze eigenlijk alles wel wil proberen. En als het niet in één keer lukt, dan lukt het misschien de tweede keer wel, of de vijfde. Maar het gaat lukken, dat weet ze zeker.

 

Kim:

Kim leert in begeleiding en door haar contact met ontwikkelingsgelijken meer zichzelf te zijn. Nu ze tussen ontwikkelingsgelijken zit, wordt ze niet meer vreemd aangekeken wanneer ze zichzelf is. Iedereen is hier anders en accepteert dat van elkaar. Met kleine stapjes leert ze steeds meer uitdaging aan te gaan. In het begin gaat ze hier een paar keer flink mee onderuit en is ze ervan overtuigd dat ze haar advies voor de middelbare school aan het verknallen is. Maar in een schoolgesprek blijkt juist dat ze dit advies naar een hoger niveau heeft getild. Ze merkt dat falen niet betekent dat je het nooit zult leren. Ze leert dat je iets soms nog niet kunt, maar met oefening wel zult kunnen leren. Haar voornaamste overtuiging is dat zij iets meteen moet kunnen want anders is ze dom en kan ze het simpelweg niet. Met de speciale technieken gaat ze hier anders naar kijken. Is het echt zo dat je iets altijd meteen kan? Kun je gelijk zwemmen als je voor het eerst het zwembad in gaat? Fiets je direct weg als je voor het eerst fietst? Nee, sommige dingen moet je nu eenmaal leren. En leren betekent falen en het opnieuw proberen. Als je iets al kan, betekent het dat je niks leert; je doet wat je al kunt. Kim loopt soms nog tegen haar overtuiging aan, maar met de UIL-methode heeft ze een praktisch handvat waarmee ze zichzelf kan helpen in deze situatie.

 

Mindset en de UIL-methode

De UIL-methode helpt je om bewust te worden van je gedachten, gevoelens en gedrag. In de UIL-methode vormen de technieken een helpende cirkel om te kunnen komen tot andere gedachten, gevoelens en gedrag. Volwassenen zijn nogal eens geneigd om gelijk actie te gaan ondernemen. Dit heeft echter geen enkele zin als je gedachten over de situatie niet veranderd zijn. Het zal je dus geen beter gevoel opleveren en uiteindelijk dus ook niet echt iets veranderen. De UIL-methode is bedoeld om mensen uit te dagen te gaan denken over hun denken en op die manier weer zelf controle te nemen over hun leven. Voor meer informatie over de methode kun je contact opnemen met Praktijk Hoogbegaafd.

0