Om een intelligentietest te kiezen, wordt er ten eerste gekeken naar de leeftijd van een kind. Vanaf 4:0 tot 5:0 jaar kan er worden gekozen voor de RAKIT-2 of de Raven’s 2. Van 5:0 tot 6:0 ligt de keuze tussen de RAKIT-2, Raven’s 2 en KIQT+. Vanaf 6:0 tot 10:11 jaar zijn alle vier de testen mogelijk en vanaf 11:0 tot 12:6 de WISC-V, Raven’s 2 en RAKIT-2. Er lijkt vanaf een leeftijd van ongeveer negen of tien jaar echter al snel een plafondeffect op te treden bij de RAKIT-2, waardoor vanaf deze leeftijd de WISC-V de voorkeur heeft. Vanaf 12:6 jaar is enkel de WISC-V of de Raven’s 2 mogelijk.
Naast leeftijd wordt er ook gekeken naar mogelijke belemmerende factoren. Zo is de WISC-V gevoeliger voor faalangst, omdat hier meer opdrachten in zitten die beroep doen op verbale vaardigheden en er voor veel opdrachten een duidelijk tijdslimiet bestaat. Bij de RAKIT-2 bestaat er ook een tijdlimiet bij veel opdrachten, maar deze hoeft minder strikt gehanteerd te worden en wordt minder duidelijk bij kinderen aangegeven. Daarnaast wordt er bij de RAKIT-2 wat minder beroep gedaan op verbale vaardigheden. De KIQT+ is ontwikkeld om zo min mogelijk beroep te doen op verbale vaardigheden en er is geen sprake van een tijdslimiet. Concentratie is ook een belangrijke factor om mee te nemen bij de keuze van een intelligentietest. De WISC-V en de RAKIT-2 duren langer en zijn door het tijdslimiet gevoeliger voor belemmeringen in de concentratie. Er kan daarom worden gekozen om de RAKIT-2 verkort af te nemen. Dit geeft een minder breed beeld van de vaardigheden van een kind, maar geeft wel een betere inschatting van zijn of haar algemene intelligentie. Er kan ook worden gekozen om in dit geval de KIQT+ af te nemen. Deze intelligentietest duurt korter en doordat er geen tijdslimiet is, kan er op ieder moment een pauze worden ingelast. Dit vermindert de invloed van concentratieproblemen.
Tot slot is ook de hulpvraag van belang bij de keuze voor een test. Zo kan er een hulpvraag spelen waarbij het nuttig is om te weten wat de sterke en wat minder sterke kanten zijn van een kind. In deze gevallen geven de RAKIT-2 en de WISC-V meer informatie dan de KIQT+ of Raven’s 2. Wanneer er al een sterk vermoeden van een hoogbegaafdheid is of er bijvoorbeeld al eerder intelligentieonderzoek is gedaan, kan de KIQT+ een beter beeld geven van hoe hoog de intelligentie precies ligt. Dit kan bijvoorbeeld belangrijk zijn voor het inschatten van de behoeftes van een kind op het gebied van school. Als een kind om wat voor reden dan ook moeite heeft met taal, zal deze hier minder door worden belemmerd op de KIQT+ of Raven’s 2 in vergelijking met de WISC-V en de RAKIT-2. Daarnaast kan het zijn dat ouders overwegen om een kind naar een HB school te laten gaan. Dan is het belangrijk om te weten welke intelligentietest deze school vraagt. Hier kan echter ook van worden afgeweken wanneer er wordt verwacht dat de intelligentietest die deze school vraagt geen accurate weergave zal geven van de intelligentie van een kind, door bijvoorbeeld belemmering of doordat er wordt verwacht dat de intelligentie ver boven de 130 ligt. In dit laatste geval zal de KIQT+ meer inzicht geven over de behoeftes van een kind op het gebied van school.